Omkeringen van akkoorden op de piano in 3 stappen

Een omkering van een akkoord is eigenlijk niets anders dan de toetsen waaruit een akkoord bestaat in een andere volgorde spelen. Het C-akkoord bestaat bijvoorbeeld uit de toetsen c e g. Maar deze kun je ook spelen als e g c, dit noemen we de eerste omkering. Maar ook kun je deze spelen als g c e, dit noemen we de tweede omkering.

Maar waarom zou je eigenlijk een omkering gebruiken? Wat is het nut ervan?

Hoe zien omkeringen eruit?

1. Laten we eerst eens kijken hoe dat er precies uitziet, zo’n omkering van een akkoord. Om dit te laten zien starten we met een C-akkoord, bestaande uit de toetsen c e g:

C-akkoord

2. Nu gaan we de onderste c-toets een octaaf hoger verhuizen, dus de c-toets blijft een c-toets maar dan een octaaf hoger. Het C-akkoord bestaat hierdoor nog steeds uit dezelfde toetsen, maar in een andere volgorde namelijk: e g c. Dit noemen we de eerste omkering en dat ziet er zo uit:

C-akkoord eerste omkering

3. Tot slot kunnen we nog eenmaal de onderste toets een octaaf hoger verhuizen. De onderste toets is nu een e-toets, welke we een octaaf hoger gaan spelen. Nu spreken we over de tweede omkering. Let op: dit is dus nog steeds het C-akkoord, maar dan in een tweede omkering. De volgorde is nu geworden: g c e. Dit ziet er als volgt uit:

C-akkoord tweede omkering

En zoals je verwacht met drie toetsen waaruit een akkoord meestal bestaat, heeft deze ook maar 3 volgorde mogelijkheden, dus er is geen derde omkering. Want als we nu de onderste g-toets weer een octaaf hoger zouden verhuizen, zijn we weer terug bij af en komen we uit bij het oorspronkelijke C-akkoord. Speel deze drie akkoorden maar eens voor jezelf! Dit is ook een uitstekende manier om je vingervlugheid te ontwikkeling bij het wisselen van akkoorden.

Waarom omkeringen gebruiken?

Ten eerste omdat je dan sneller en handiger van akkoord kunt wisselen. Als je van het C-akkoord (c e g) naar het F-akkoord springt (f a c) is dat nogal een sprongetje die je moet maken. Helemaal voor een beginner kan dit nogal eens uitdagend zijn om dan lekker en soepel door te spelen.

Maar als je bijvoorbeeld de eerste omkering van het C-akkoord speelt (e g c) en dan springt naar het F-akkoord (f a c), is de afstand veel kleiner. Sterker nog, als je de eerste omkering van het C-akkoord speelt, hoef je enkel de onderste twee toetsen allebei één toets naar rechts te verhuizen (zwarte toetsen even niet meegerekend). Probeer het maar eens!

Ten tweede is het soms mooier om gebruik te maken van een omkering. Het brengt variatie aan in je pianospel om gebruik te maken van een omkering in plaats van alleen maar akkoorden in de grondligging te spelen, zoals een normaal C-akkoord (c e g) heet.

Hoe herken je een omkering?

Als je de toetsen c e g speelt, in welke volgorde dan ook, zou je al kunnen weten dat je te maken hebt met een C-akkoord. Want dit zijn immers de toetsen waaruit een C-akkoord bestaat. Als het akkoord dan niet begint met de c, weet je dat je te maken hebt met een omkering, logisch!

Maar waar je een omkering ook aan kunt herkennen zijn het aantal toetsen dat tussen de toetsen die je aanslaat ligt op dat moment. Sla maar eens een C-akkoord aan in de grondligging (c e g) en tel de toetsen die tussen je vingers liggen, de zwarte toetsen meegerekend. Dit zijn er altijd maar 2 of 3. En sla vervolgens maar eens een C-akkoord aan in de eerste of tweede omkering en tel dan eens de toetsen die tussen je vingers liggen. Nu zul je ook eens 4 toetsen tellen! En op het moment dat je 4 toetsen telt, weet je dat je met een omkering te maken hebt. Verhuis vervolgens eens de onderste toets een octaaf hoger en tel ze nog eens. En indien je weer 4 toetsen ertussen telt, verhuis dan de onderste toets nog eens een octaaf hoger. Je zult dan vanzelf weer in de grondligging van het akkoord terecht komen. En dan weet je direct hoe het akkoord heet, namelijk de naam van de onderste toets!

Als dit laatste stukje theorie iets te snel ging voor je mag je dat ook lekker weer vergeten. Weet in ieder geval dat je de toetsen waaruit een akkoord bestaat ook in een andere volgorde mag spelen voor gemak of om variatie in je spel aan te brengen.

Laat me weten in een reactie hieronder of het je duidelijk is en of je misschien al eens omkeringen speelt, ik ben benieuwd!